Kurt Albert
In 1940 verhuisde de familie Sigmund van Aerdenhout naar Bussum. Ze gingen inwonen bij familie de Nooij. Lotte was toen 10 jaar, Koert was 6 jaar.
Grossmutter Netta woonde ook korte tijd bij de families in. Het was een druk huishouden waarin men dicht op elkaar leefde.
Ernst en Käthe waren bezet met de net opgerichte speelgoedfabriek Sio. De heer de Nooij was fijnschilder en had een werkplaats achter het huis. Vader en moeder Sigmund reisden elke week naar Vroomhoop waar ze ook regelmatig overnachtten. Lotte en Koert werden dan opgevangen door de oppas-ouders de heer en mevrouw de Nooij. Koert kwam in de werkplaats bij de heer de Nooij waar Koert de Jantje-tekeningen maakte in zijn schriftje. Heer en mevrouw de Nooij schreven gedichtjes in het Poesie album van Lotte. Lotte speelde viool, er klonk muziek in het huis, er was leven.
Coert Albert, Albert
In mei 1942 werden in opdracht van de Nazi's in het huis en schuur de bezittingen van familie Sigmund beschreven, opgeborgen en verzegeld, met onder andere de viool van Lotte. Het hele gezin Sigmund verhuisde verplicht naar Asterdorp in Amsterdam. Daarmee verdwenen Lotte en Koert uit het leven van de Nooij, de kinderen waarmee ze jaren in hetzelfde huis woonden en een nauwe band mee hadden opgebouwd.
Haast familie.
In maart 1945 werd tijdens een bombardement op Bussum een zoon geboren bij de familie de Nooij. Ze noemden hem Coert Albert. Later kreeg een kleinzoon als tweede naam Albert.
Zo leven de namen van Kurt Albert voort in de familie De Nooij, die de Sigmunds zeer nabij stond.